Loading

Hi!

Horrorverhalen zijn iets bijzonders: ze weten je in het verhaal te sleuren, je angst aanjagen en toch wil je niets anders dan verder lezen. Althans, als het boek goed is. En dat is wat mij is opgevallen de laatste tijd: Bestaat echte horror nog?

Ik hou van horror. Al van toen ik jong was lees ik griezelverhalen. In de lagere school begon dit met Paul van Loons Griezelbus, de avonturen van Darren Shan in het Cirque du Freak en Lemony Snicket’s A Series of Unfortunate Events (Oké, dit is geen horror, maar heeft wel dezelfde toon). Nu ben ik uitgegroeid tot een grote fan van schrijvers zoals Joe Hill, Susan Hill en Stephen King’s vroegere werken. Natuurlijk wil ik constant nieuwe dingen lezen, maar als er al heel weinig griezelboeken uit worden gebracht lukt dit niet zo gemakkelijk.

 

Thrillers

Ten eerste is er maar een heel beperkt publiek voor echte horror. Als ik een griezelboek zoek in de boekhandel, vind ik er nooit een aparte sectie voor. Altijd moet ik tussen de thrillers kijken. Don’t get me wrong, ik lees af en toe wel graag een goede thriller, maar ze lijken allemaal op elkaar.

Iedere keer verdwijnt er een meisje of wordt er een lijk gevonden in vreemde omstandigheden. Dan moet de knappe detective, die meestal kampt met een tragisch verleden of waarvan de moord hem doet denken aan zijn eigen verleden, de zaak onderzoeken. Onderweg ontmoeten ze familieleden die elk hun eigen donkere geheimen hebben.

De titels van deze boeken zijn meestal erg banaal. Zo zijn er bijvoorbeeld The Girl on the Train en Gone Girl. Op de covers staan dan typische ongemeende accolades door verschillende belangrijke literaire magazines zoals Flair en Vijf. Veel boeken gebruiken ook referenties naar bekendere (en vaak betere) titels of auteur. Als je van The Shining houdt, zal je hiervan smullen! is een veelgebruikt voorbeeld. Als je dit leest op een cover, laat je het best liggen. Deze boeken zijn meestal minder goede kopieën van de titels die vernoemd staan.

 

Geesten

Maar nu terug naar horror: Titels zoals The Innocents en The Haunting of Hill House weten je werkelijk de stuipen op het lijf te jagen. Wat maakt deze titels nu zo memorabel? Laten we beginnen bij de sfeer. Beiden spelen zich af in een afgelegen landhuis met een donkere historie. ’s Nachts gebeuren er enkele vreemde dingen in het huis en gaat de protagonist een beetje rondneuzen. Natuurlijk ontdekt die dan dat er geesten in het huis ronddwalen. Klinkt cliché, niet?

Maar waarom is het cliché? Omdat alles al zo vaak gekopieerd werd op slechte manier. Tegenwoordig haalt bijna elke horrorauteur inspiratie uit klassiekers dat ze vergeten er hun eigen stempel op te drukken. Personages zijn vaak zo plat als karton waardoor elke vorm van sympathie onmogelijk is. Het maakt je vaak helemaal niet uit of de protagonist verschrikkelijke dingen meemaakt. Meestal wil je gewoon dat die geest het hoofd van die trut eraf rukt. En liefst zo pijnlijk mogelijk.

Deuren die vanzelf sluiten, een kraan die plots open staat, porseleinen poppen die bezeten zijn,… We hebben het allemaal al gehad. De antagonist reageert meestal ook erg onverschillig op deze gebeurtenissen en wordt zo de scène naar een volgend ‘schrikmoment’ opgebouwd zonder dat we enige rust hebben gehad.

Waar blijft de suspense? Waarom moet alles zo vluchtig uit de doeken gedaan worden? Het is altijd veel effectiever als er opgebouwd wordt naar een spannend moment en er uiteindelijk helemaal niks gebeurt. Zo weet je als lezer nooit wanneer de schrikmomenten er echt zullen komen. De geest kan dan ieder moment toeslaan en je zal er gegarandeerd van schrikken.

 

Creatures

Monsterverhalen zijn ook altijd erg leuk. Maar ook dit genre raakt uitgemolken. Wil je een nieuw boek over vampiers? Dat is dan jammer want ieder boek over deze immens populaire wezens is hetzelfde. Mary Shelley’s Frankenstein is net zo: ooit revolutionair, nu erg gedateerd.

Gelukkig zijn er uitzonderingen zoals NOS4A2 van Joe Hill. Hij combineerde vampiers met Kerstmis. Dit klinkt als een belachelijk concept, maar is stiekem briljant.

In dit verhaal komt een klein meisje, Victoria, erachter dat ze met haar oude fiets kan zich kan verplaatsen naar de andere kant van de staat in een seconde. Deze kracht lijkt eerst leuk, maar trekt al snel de aandacht van een eeuwenoude vampier die kinderen meelokt naar zijn Kerstmisland. Victoria weet uit zijn klauwen te ontsnappen, maar 15 jaar later heeft de vampier het gemunt op haar zoontje.

NOS4A2 deed me soms denken aan It van Stephen King (Hill is dan ook de zoon van King). Daarom is dit boek een perfect voorbeeld van hoe je inspiratie kunt halen uit andere werken, maar toch je eigen ding ervan kunnen maken.

Auteurs

Veel schrijvers die al luttele jaren meegaan zijn inmiddels parodieën van zichzelf geworden. Kijk maar naar Pieter Aspe. Ooit een befaamd auteur, nu iemand die geld probeert te maken door hetzelfde verhaal opnieuw en opnieuw te vertellen in andere boeken. Stephen King, een geweldige schrijver die ooit de definitie was van horror, is nu niets meer dan een schaduw van wat hij ooit was. Zijn karakteropbouw is voorspelbaar en zijn shockfactor is niet zo hoog meer.

 

Films

Misschien worden we niet snel bang meer omdat we tegenwoordig gebombardeerd worden met horrorfilms in de bioscoop. Deze zijn, vanuit filmtechnisch aspect, vaak erg kut. Maar voor het algemene publiek zijn deze b-films al eng genoeg. Het feit dat horror zo mainstream geworden is dankzij de filmindustrie, zorgt ervoor dat mensen minder interesse tonen in griezelboeken.

Een boek kan niet eng zijn, in een film zie je wat er eng is.’ is een uitspraak die ik al meermaals heb gehoord en waarvan ik zin krijg om de dichtstbijzijnde persoon en mep in zijn gezicht te geven. Hoezo een boek kan niet eng zijn? Waarom moet je zien wat eng is? Het ongeziene is veelal enger dan wat je kan zien en voelen.

John Boyne’s roman This House is Haunted is hier een perfect voorbeeld van. Dit boek gaat over een oud landhuis in het Victoriaanse Engeland waar – je raadt het – een geest ronddwaalt. Heel het boek door word je geplaagd door de schrijver die het hele spookgedoe niet direct uit de doeken wil doen en zo constant wil verder lezen. Op het einde pas komt de aap uit de mouw en eindigt het boek met een spectaculaire climax. Maar vooraleer je aan het einde komt en de geesten echt tevoorschijn ziet komen, jaagt Boyne je de stuipen op het lijf door zijn grimmige sfeer en levendige omschrijvingen. Zo moet een boek over geesten geschreven worden. Wat zeg ik? Zo moet ELK boek geschreven worden.

 

 

Is echte horror nu dood? Zullen we ooit nog een origineel werk in handen krijgen? Ik denk dat we het zullen moeten afwachten. Wachten totdat er een klein meesterwerk uit een hoekje komt gekropen die horror weer nieuw leven in zal blazen. We zullen zien…

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

Top